URBEXPERIENCE - photography and more

Stories & UrbeXperience

Het verlaten sanatorium.

Posted by UrbeXperience on March 20, 2014 at 8:10 AM

This story is inspired by the UrbeXperience video "Abandoned Waldsanatorium S"


Geschreven door: Leny Kruis

©leny kruis


~


Het verlaten sanatorium.

Ik had de sleutel van het sanatorium al gehad van de makelaar en met een snelle duw in mijn rug werd ik de winkel uitgezet. Of ik wilde beslissen als ik alles had gezien. Het stond al zo lang leeg.

 

Ja, natuurlijk.

Het leek alsof hij een beetje bang voor mij was. Het zweet stond op zijn lippen. De grote bos sleutels in de ene hand en de andere hand gevuld met allerlei blaadjes voor de route liep ik naar de auto. Ik stelde met al die kladjes zo goed en zo kwaad als het ging mijn routeplanner in en startte de auto.

 

 

Dit sanatorium had al zo lang leeg gestaan, er deden de raarste verhalen de ronde, eerste een echtpaar die het kocht en nooit betaalde omdat ze ineens van de aardbodem verdwenen waren. Toen een ander echtpaar die er een hotel van wilde maken overkwam hen hetzelfde lot. Ik vroeg mij af of dit bangmakerij van het dorpsgeroddel was, of dat er echt een kern van waarheid inzat.

 

 

De foto’s die ik van het gebouw had gezien lieten mijn handen jeuken. Hier was werk aan de winkel, hier zou ik een pracht van een hotel neerzetten, midden in de bossen, op een rustieke plek en ongestoord zou men hier lekker tot rust kunnen komen voor een schappelijke prijs. Om mee te beginnen in ieder geval.


Op mijn gemak reed ik in een keer de goede route en voor dat ik het wist, was ik al bij het gebouw. Van verre zag het er ontzettend mooi en onderhouden uit. Wel raar, als je bedenkt dat het al jaren leeg stond en de jeugd er wel het een en ander uitgevreten zou hebben.

 

 

Maar niets bleek minder waar. Ik zette mijn auto aan de kant van een bosrand en liep het laatste stukje naar de ingang.

Totdat ik ineens een stem ergens vlakbij hoorde, een krasse stem vol van woede. Ik schok en bleef stil staan.


 

 

“Denken ze nou echt dat ik dit loslaat?”Denken ze nou echt dat ik maf ben?”De eerste de beste die mij hier weer wegjaagt snij ik de strot af, ben het nu wel zat!”


 

Ik schrok van die woorden en keek om mij heen, waar die stem nou vandaan kwam en wat voor man ik ineens voor mij zou hebben als ik niet goed uitkeek.

Een halve gare, die misschien in het verleden hier opgesloten geweest was? Ja, ik had gehoord dat het een sanatorium was, maar dat men ook wel psychiatrische patiënten opnam omdat er zoveel kamers in het gebouw leeg stonden.

En alles bracht geld in het laatje, moest de Gemeente gedacht hebben. De stem die ik hoorde klonk rauw en grof en roggelend hoorde ik hem hoesten, ik rook een sigarettenlucht en keek waar die rook vandaan kwam. Ik voelde mij niet geheel op mijn gemak. Ineens kreeg ik de kriebels van deze omgeving. De stilte die ineens door zo een stem verstoord werd. Zouden die verhalen dan echt waar zijn?

 

 

“De eerste de beste die hier met een bos sleutels aan mijn deur komt vermoord ik ter plekke. Niemand die aan mijn leven komt, niemand die mijn huis inpikt, nog voor geen hotel, ziekenhuis, of voor de luxe. Dit is allemaal van mij!”

 

Zijn toon werd steeds harder en nijdiger en ik kon maar niet plaatsen waar het geluid vandaan kwam. Zou die man zich bewegen terwijl hij brulde? Maar dan zou ik het moeten horen toch?

Ik hield mij stil en met knikkende knieën liet ik mij achter een grote brem zakken. En schrok, toen ik naast mij een kapotte pop zag liggen. Zouden er hier ook kinderen geweest zijn? Ja, waarom niet, het was een sanatorium, maar gedeeltelijk een gekkenhuis.

 

 

Nog even en ik begon aan spoken te denken. Als hij mijn auto nou gehoord had, of gezien?

Zou hij daarom zo een grote mond opzetten vol bedreigingen? Ik was zelf even de weg kwijt, van angst misschien? Ik kende hier niemand, alleen de makelaar wist dat ik hier naar toe zou gaan, maar meer ook niet.



 

Ineens viel het mij op dat het doodstil was, zelfs de wind die door de takken en bomen ruisten hoorde je niet eens meer.

Ik keek angstig om mij heen en ineens…daar stond hij.

Een boomlange kerel, vodden aan zijn lichaam, stinken als een koe die té lang in de vlaaien had gelegen, ongeschoren en geen gave tand meer in zijn mond. Een mens, maar meer kon ik er op dat moment ook niet echt van maken. In zijn vuile hand had hij een kapmes. Zijn andere hand hield hij voor zich alsof hij een schild droeg. Wat mij opviel waren zijn ontzettend vieze handen en nagels. Niets was er schoon aan deze man, zelfs zijn stem klonk goor.

 

 

“Wat moet jij hier?”Bromde hij met een woeste enge blik in zijn ogen.

 

“Ik kom hier even kijken, als het mag hoor. Anders ben ik zo weer weg.” Ik wist niet wat te zeggen, deze man was een gevaar voor mij en ik had nog zoveel om voor te leven. Intuïtief wist ik dat deze man mij zou vermoorden als het tot een gevecht zou komen. Zijn ogen stonden zo wild, dat de angst bij mij de overheersing van het rationeel denken overnam.

 

 

Ik moest hem toch te vriend houden wilde ik hier zonder kapmes in mijn nek wegrijden.

 

“Woont u hier al lang?”

 

“Gaat je geen flikker aan, wat kom jij hier eigenlijk doen?”

 

Daar wist ik niet zo snel een antwoord op te geven, maar hij had al snel door dat ik natuurlijk ook een koper was.

 

“Als je denkt dit gebouw te kopen maatje, zul je mij erbij nemen!”

 

“Oww, waarom zou ik dit doen dan?” Nu werd het mij even te gortig. Hij stelde de eisen en ik kon betalen?

 

“Omdat ik hier al honderden jaren vertoef en een ieder die het niet met mij eens is, die vertrekt op mijn voorwaarden maatje. En ik kan je nu al vertellen dat die niet zo gezellig zijn als dat jij denkt!”

 

Hij wist niet wat ik dacht, want ik stond te bibberen op mijn benen en mijn hart sloeg over van angst. Deze man was inderdaad een krankzinnige die hier ooit misschien had gelegen en bij het leeghalen van het sanatorium misschien de benen had genomen.

De sfeer was gespannen.

De zon scheen onbarmhartig op ons neer, een prachtige blauwe lucht, een prachtig gebouw dat het uiterlijk had van een luxe ressort en van binnen misschien helemaal uitgewoond. Dit moest echt mijn hotel worden en deze gek zou worden afgevoerd. Hoe, dat wist ik toen nog niet, maar ik zou mij niet laten wegjagen door een vieze, oude, stinkende zwerver die hier clandestien woonde en iedereen de stuipen op het lijf joeg wanneer je hem te na kwam. Het moest niet gekker worden.

 

“Luister meneer, ik zal open kaart met u spelen. Ik ga dit gebouw kopen, opknappen en er een ontzettend mooi hotel van maken. Als je wilt mag je als tuinman bij mij komen werken, of als klusjesman, maar dan eerst eens even een bad en andere kleren. Je stinkt waar je staat!`

Ik voelde mij een held bij deze hele volzin naar de zwerver toe, maar het was het laatste wat ik ook deed in mijn leven.

 

Ik zag het kapmes niet eens aankomen, voelde alleen de snede en hoorde nog een zoef, zag mijn hoofd de weg afrollen.

 

En de zwerver, hij lachte hard en steeds harder, pakte het hoofd en gooide het zonder om te kijken achter zich in de bossen.

 

 

`Zo jongens, hier hebben jullie voor vanavond vast je avondeten, de rest maak ik straks wel klaar!` Zo, waren de wolven ook weer wat rustiger die afwachtend in de bosjes naar de twee mannen stonden te loeren. Zij hadden honger en waren blij met het hoofd, temeer daar het grote toetje nog moest komen. Zij werden echt verwend door hun baasje.

 

 

 

©Leny Kruis

Categories: Stories - all inspired by urban exploring

Post a Comment

Oops!

Oops, you forgot something.

Oops!

The words you entered did not match the given text. Please try again.

Already a member? Sign In

0 Comments

Recent Videos

485 views - 0 comments
627 views - 0 comments
531 views - 0 comments